Gasthuis Onze-Lieve-Vrouw met de Roos

Het ‘Gasthuis Onze-Lieve-Vrouw met de Roos’ is eerder dit jaar toegevoegd aan de lijst van mogelijk toekomstige werelderfgoederen van België. Het ziekenhuis van middeleeuwse oorsprong bevindt zich in het Waalse stadje Lessines. Ik bezocht het op een stormachtige zaterdag als een dagtocht met de auto vanuit mijn huis. Het mag dan niet zo’n bekende plek zijn (ik had er voor dit jaar nog nooit van gehoord), maar in deze regio onder Brussel is het wel een grote attractie. Al langs de snelweg staan er grote borden die naar het Gasthuis verwijzen.

Het gebouw is alleen ’s middags geopend, van 14-18.30 uur. Ik ben er tegen openingstijd en dan is het er al redelijk druk. Er is ook een restaurantje met terras bij dat al eerder open gaat. Toegang tot de gebouwen, het museum en de tuinen kost 13 EUR. Ze spreken er Engels, Frans en Nederlands en in die talen zijn ook alle opschriften.

Het ziekenhuis van Onze-Lieve-Vrouw met de Roos werd in de 13e eeuw gesticht als een charitatieve instelling om de daklozen en armen van de stad van ziekenzorg te voorzien. Het was een compleet autarkisch systeem: het had zijn eigen tuinen, was een grote regionale landeigenaar en verkocht handwerksproducten gemaakt door de bewoners. Het ziekenhuis werd gerund door nonnen en had een sterke religieuze benadering. De meeste gebouwen die je nu kunt bezoeken zijn herbouwd in de 16de en 17de eeuw.

Na betaling van de entreeprijs kun je het grote complex op eigen gelegenheid verkennen – daarvoor krijg je een audiogids mee. Het komt wat chaotisch over: er lijkt geen duidelijke route te zijn, of misschien nam ik al vroeg een verkeerde afslag. De audiogids helpt ook niet: die vertelt geen coherent of chronologisch verhaal, maar licht enkel individuele elementen en geschiedenissen toe. Dus ik loop maar van kamer tot kamer, en dat zijn er veel. Het ziekenhuis is rijk geworden van de landerijen en ook van de bruidsschatten die de nonnen bij hun intrede meebrachten. Er is veel kunst en oud meubilair te zie, maar niets daarvan sprak me echt aan.

Eén van de meest prominente ruimtes is de grote ziekenzaal. Daar stonden de bedden van de zieken, inclusief rood beddengoed “want dan vielen de bloedvlekken niet zo op”. Deze zaal heeft aan het eind twee openslaande deuren, die toegang geven tot de kerk. Op deze manier konden de patiënten de dienst vanuit hun bed volgen.

Het altaar van de kerk is in barokstijl uitgevoerd. Veel engeltjes en goud dus.

In de lange gangen van het ziekenhuiscomplex, dat 2 verdiepingen telt en een vierkant vormt rondom een binnen tuin, staan vitrines met oude ziekenhuisattributen. Zo zijn er instrumenten en heel veel potjes met dranken en pilletjes. Ook dit komt allemaal wat rommelig en lukraak over – je hebt vaak geen idee waarnaar je staat te kijken of hoe oud het is. Ook irritant is dat er overal waarschuwingsbordjes staan dat je niks mag aanraken, nergens op mag gaan zitten – die boodschap kan wel een stuk subtieler worden overgebracht.

Een groot deel van de ruimtes was in gebruik door de nonnen en hun overste. Er is een kleine bibliotheek met religieuze boeken en een aparte ziekenzaal voor als de nonnen zelf ziek werden.

Net buiten het gebouwencomplex ligt achter een muur een volledig omheinde tuin. Deze tuin ligt nog op de originele locatie en werd door het ziekenhuis gebruikt voor het zelf aanplanten van geneeskrachtige kruiden.

Na zo’n anderhalf uur had ik het allemaal wel gezien en trok ik weer huiswaarts. De kans dat het ooit een ‘echt’ werelderfgoed wordt schat ik niet zo hoog in: er staan al verschillende andere ziekenhuizen op de lijst die van veel groter historisch belang zijn.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s