Grootheidswaanzin in Mingun

Deze ochtend sta ik om 8 uur langs de kant van de weg in de buurt van mijn hotel, in de hoop op een taxi. Ik word al snel opgepikt door een brommertaxi – helmpje op, achterop gaan zitten en goed vasthouden is het devies. De bestemming is de Mayan Chan Jetty, bij de brommerchauffeur beter bekend als “Mingun Jetty”. En inderdaad is het vanaf daar dat de veerboten naar Mingun vertrekken. Elke ochtend vaart er een toeristenboot naar het aan de overkant van de Ayeyarwady rivier gelegen dorp.

De haven

De haven

Behalve vertrekplaats voor de toeristenboot blijkt deze haven ook een soort overslagplaats van binnenvaartschepen op z’n Birmees. Er liggen tientallen houten boten, en mannen en vrouwen lopen af en aan met zware vrachten op hun hoofd. Aan de wal wonen ook mensen in hutjes, die zich staan te wassen in het rivierwater.

Ik koop mijn kaartje voor de boot (5000 kyat/3,5 EUR voor een retour), en verken dan de rest van de haven. Het is nogal blubberig en smerig, en ik stuit op een dode rat. Dat is al de tweede van deze reis, gisteravond toen ik naar een restaurant liep zag ik er ook al een. Gelukkig heb ik nog geen levende zien rennen. Twee keer draait er een tourbus het haventerrein op, om pal voor de loopplank van een boot te stoppen. Ik ben even bang dat ik mijn boottochtje moet delen met een stuk of 30 landgenoten van FOX reizen, maar deze en een andere groep hebben hun eigen boten.

Er is veel te zien aan de kade

Er is veel te zien aan de kade

Mijn medepassagiers, een stuk of 10 in getal, staan in de schaduw te wachten bij het kantoortje. Tegen negenen mogen wij ook aan boord. Dat is al spannend genoeg, want we moeten eerst over een smalle loopplank omhoog balanceren. Gelukkig hebben ze een levende railing gemaakt, bestaande uit een bamboestok die door 2 mannen wordt vastgehouden. Daarna sta je nog maar op de eerste boot, onze boot is echter de achterste (nummer 6 of zo). Maar heel attent staat er bij iedere stap van boot naar boot personeel om de reikende hand te bieden.

Ik ga naar het bovendek en weet een plekje op de grond te bemachtigen in de schaduw van de kajuit. Stoelen staan er alleen op het benedendek, maar boven heb je beter uitzicht. Het wordt inderdaad een relaxt tochtje van een klein uur. Het is maar 11 kilometer varen, en je steekt schuin de rivier over. Al van ver is hét icoon van Mingun te zien: de 18e eeuwse onafgemaakte pagode. Het had met 150 meter hoogte de hoogste pagode ter wereld moeten worden, maar de koning stopte zijn werk toen een astroloog hem vertelde dat hij zou sterven als het af was. Tegenwoordig staat het bekend als “de grootste stapel bakstenen ter wereld”.

De restanten van de bakstenen pagode komen in zicht

De restanten van de bakstenen pagode komen in zicht

De plaatselijke bevolking staat ons al in ruime getale op te wachten. Mannen bieden ritjes aan op een ossenkar, vrouwen verkopen spulletjes. Langs het pad omhoog vanaf de oever naar de onafgemaakte pagode staan tientallen souvenirkraampjes. Dat zo’n onafgemaakt bouwwerk 3 eeuwen later nog zijn inkomsten opbrengt!

Maar er is nog meer te beleven in Mingun. Dezelfde koning liet ook de grootste bel ter wereld maken. Die is wel af, en tegenwoordig te bewonderen in een eigen paviljoen in de hoofdstraat. Je kunt er zelf met stokken tegenaan slaan om hem te luiden, tot groot vermaak van de Birmese kinderen.

De Bel

De Bel

Ik loop nog wat verder het dorp door. Er zijn meerdere kloosters en tempels, en er is zelfs een boeddhistisch bejaardentehuis. Alleen bij de gigantische witte Hsinbyume Pagode doe ik mijn slippers nog een keer uit en loop over de hete tempelgrond. Dit staaltje bouwkunst gemodelleerd naar de mythische berg Meru is afkomstig van de kleinzoon van de koning die niks afmaakte. De grootheidswaanzin bleef dus wel in de familie.

Het is ook leuk gewoon wat tussen de huizen rond te dwalen, om te zien hoe de mensen hier leven. Ik stimuleer de plaatselijke economie nog een beetje extra door er te lunchen. Gebakken mie met kip en groenten, plus soep als extra bijgerecht, kost me 1,40 EUR.

Woonhuis met was

Woonhuis met was

Om half 1 vaart de boot terug naar Mandalay. Nu nestelt iedereen zich op het benedendek, het is veel te heet geworden in de zon. Binnen waait een lekker briesje, en een rieten hangstoel zorgt voor volkomen ontspanning. Aan de kade van Mandalay wacht de drukte weer. Ik word opgepikt door een fietsriksjarijder, die me terug naar het centrum brengt.

De toeristenferry Mandalay - Mingun

De toeristenferry Mandalay – Mingun

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s