Een dag in de Julische Alpen

Gistermiddag had ik al een voorproefje van het middelgebergte: vanuit Idrija reed ik naar mijn pension in Spodna Idrija. Toen ik het boekte dacht ik dat dat een voorstadje was van de kwikmijnstad Idrija, maar het blijkt een bergdorp in de buurt te zijn. Gelukkig ben ik er al voor het donker, en brengt mijn TomTom me er feilloos heen.

Het is fris in Pension Na Kluk – het ligt op 800 meter hoogte als ik de vrouw des huizes goed begrijp. Ze kan maar een paar woorden Engels en Duits. Dat geeft niks, ze is allerhartelijkst en voor maar 30 EUR heb ik hier een overnachting. Warme douche en draadloos internet doen het ook, en er is ’s ochtends een bij de kamerprijs inbegrepen ontbijtbuffet. Zo goedkoop heb ik het lang niet gehad in Europa.

Pension Na Kluk

Pension Na Kluk

Het pension ligt ook al handig aan de binnenweg die me verder de bergen in moet brengen vandaag. Op het programma staan twee mogelijk toekomstig werelderfgoederen: het Franja Partizanenhospitaal en de alpenweides van Fuzina. Het voormalig hospitaal ligt het dichtst bij. Helaas kent mijn navigatiesysteem het niet, dus ik stel hem maar in op een dorpje in de buurt in de hoop dat het vandaar aangegeven staat.

Een uur geslinger over smalle bergwegen volgt. Ik kom inderdaad in het gehucht Dolenji Novaki aan, maar er is niks te zien van een of andere bezienswaardigheid. Ik rijd daarom maar verder richting de grotere plaats Cerkno, daar moet het ook in de buurt liggen. En jawel: al na een minuut of 5 staat er een groot bruin bord langs de kant van de weg. “Bolnica Franja” – dat zal het wel zijn.

Toch op de goede weg...

Toch op de goede weg…

Het Franja Partizanenhospitaal was actief tussen 1943 en 1945, toen het gewonde mensen uit het verzet en en van de geallieerde troepen verzorgde. Clandestiene ziekenhuisjes zoals deze waren een handelsmerk van het Sloveense verzet, de (communistische) Partizanen. Ze lagen in afgelegen berggebieden. De exacte locaties mochten niet bekend worden, en de gewonden werden er geblinddoekt naar toe vervoerd.

Dit hospitaal staat sinds 2000 op de Voorlopige Lijst van Werelderfgoed. In 2007 is er echter een ramp gebeurd: alle originele barakken met daarin de originele meubels en apparatuur zijn door een overstroming verloren gegaan. De Slovenen hebben een nationale TV-actie gehouden om geld in te zamelen voor het herstel, en sinds 2010 is het geheel weer toegankelijk.

Je loopt er naar toe via een 400 meter lang stijgend bos- en bergpad. Langs de route staan informatieborden in het Sloveens en Engels met uitspraken van mensen die hier verpleegd zijn, en verhalen over wat er allemaal in deze streek gebeurd is. Ook kun je nog een restant van een wachtpost zien, half-verscholen tussen de rotsen. De kloof die toegang geeft tot het hospitaal werd tijdens de oorlog zwaar bewaakt.

Het pad omhoog naar het hospitaal

Het pad omhoog naar het hospitaal

Je vraagt je af hoeveel bezoekers hier per dag komen, het ligt zo afgelegen, maar er is een heus loket om een entreekaartje te kopen. De toegang kost 4 EUR. Daarvoor mag je de 14 barakken in. In elk van de houten gebouwtjes staat uitleg waar het voor diende: als ziekenzaal, operatiekamer of keuken. Ook al het personeel woonde op het terrein, vaak waren het gewonden die hersteld waren en nergens heen konden. Het ziekenhuisje was goed verzorgd, ze hadden zelfs een röntgenapparaat.

Slecht één van de 14 houten barakken heeft de overstroming doorstaan. Ze zien er allemaal hetzelfde uit, dus dat is het probleem niet. Helaas zijn ook alle interieurs verloren gegaan. Nu staan er reproducties of soortgelijke apparaten/objecten van elders. Dit gebrek aan authenticiteit zal de kansen op een toekomstig werelderfgoedstatus sterk doen verminderen, vermoed ik zo. Maar ik vond het toch een interessant bezoek, het meest indrukwekkende wat ik tot nu toe in Slovenië heb gezien.

Gerestaureerde barakken

Gerestaureerde barakken

Na 45 minuten stap ik weer de auto in, en rijd verder over weer een bergpas. Je ziet hier veel motorrijders, die vinden dat leuk al die bochten rijden. Met de auto is dat een stuk minder gezellig, je moet steeds uitkijken dat er geen tegemoetkomend verkeer aan komt. Twee auto’s kunnen elkaar net passeren. Ik kom het stuk ongeschonden door, net als mijn gehuurde Renault Megane. Vanaf het hoogste punt word ik beloond met een prachtig zicht over de Julische Alpen. Ook de hoogste berg van Slovenië is hier te zien, de Triglav.

De Julische Alpen, met de Triglav

De Julische Alpen, met de Triglav

Dan nog een half uur de berg af, en ik kom aan in het Triglav Nationaal Park en bij het Meer van Bohinj. Hier in de buurt ligt het tweede mogelijk nieuw werelderfgoed van vandaag: de Fuzina heuvels. Het is een wat onduidelijke nominatie, maar het omvat in ieder geval de Alpendorpjes Studor en Stara Fuzina en de weides waarop men daar het vee laat grazen. Kenmerkend voor dit gebied zijn de grote staande hooirekken, die je bij alle weilanden ziet.

Ik parkeer in Stara Fuzina en ga het dorp te voet verkennen. Je kunt hier in de buurt ook goed wandelen, maar het weer is me daarvoor te wisselvallig vandaag. Als de zon achter de wolken verdwijnt is het erg fris en kan er zomaar een bui vallen. In Stara Fuzina staan nog veel oude boerenhuizen. Het ziet er erg Oostenrijks uit allemaal, dat geldt eigenlijk voor het hele gebied waar ik vandaag doorheen ben gereden. Ik heb al heel wat groene alpenweides gezien, hier en daar opgevrolijkt door een dorpje met een iets te grote kerk.

Idyllisch Stara Fuzina

Idyllisch Stara Fuzina

Behalve staande hooirekken zijn ook beschilderde bijenkasten typerend voor de boerenfolklore van de Sloveense Julische Alpen. Althans, dat vermeldt mijn reisgids. In Stara Fuzina moet ik er toch nog goed naar zoeken. Maar aan de rand van het dorp staat inderdaad zo’n bonte kast. Naar het schijnt hebben ze die vele kleuren zodat de bijen weten waar ze naarbinnen moeten vliegen…

Bijenkasten

Bijenkasten

Ik sluit de activiteiten voor vandaag af in een restaurant bij het meer van Bohinj. Hier is het erg toeristisch, je moet zelfs betalen voor het parkeren. Het eten smaakt desondanks goed, en met een gevulde maag rijd ik in een uurtje naar het vliegveld van Ljubljana. Daar laat ik mijn huurauto achter en trek met het openbaar vervoer de Sloveense hoofdstad in. Morgen daarover meer!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s