Belem

Mijn korte trip naar Portugal wil ik starten met een bezoek aan Belem, een voorstad van Lissabon. De dag begint niet zo best: het lijkt wel of ik nog in Nederland ben. Druilerige regen valt neer. Ik hoef eigenlijk maar 20 minuten te rijden, maar kom op de Ring rond Lissabon in een stapvoets rijdende file terecht. Het duurt maar en duurt maar.

Als we eindelijk weer rijden valt tot overmaat van ramp mijn TomTom uit. Door de vele tunnels is hij de weg kwijt geraakt. En ik weet niet waar ik af moet slaan. Ik ben daarom genoodzaakt een extra rondje van 17 kilometer te maken. Ik neem expres wat andere afslagen, zodat ik bovengronds blijf. Die tactiek heeft succes: zo’n 5 kwartier na vertrek uit mijn hotel ben ik dan eindelijk in Belem. Gelukkig kan ik parkeren pal naast mijn hoofdbestemming: het Hiëronymietenklooster.

Hiëronymietenklooster

Binnenplaats Hiëronymietenklooster

Ik ben hier in 1991 ook al eens geweest (21 jaar geleden!), dus het levert me geen nieuw werelderfgoedvinkje op. Maar ik herinner me niks van dat vorige bezoek, en ik heb ook geen goede foto’s van die keer. Dus het is zeker geen straf om het nog een keer te bekijken.

Het Hiëronymietenklooster staat net als de hele wijk Belem symbool voor de Portugese ontdekkingsreizigers. In de kerk baden de zeevaarders (en vissers) voor een behouden terugkeer. Vasco da Gama ligt hier ook in een tombe begraven. Klooster en kerk zijn nogal uitbundig versierd met sculpturen, in de locale Manuelstijl. Wel knap gemaakt, maar echt mooi vind ik het niet. De stenen zijn fris wit van kleur – op de foto’s uit 1991 ziet het hele gebouw er een stuk grauwer uit.

Aan de overkant van straat en spoorlijn ligt de andere helft van dit werelderfgoed: de Toren van Belem. Het is inmiddels flink hard gaan regenen, dus ik maak eerst maar een tussenstop in een restaurant om een broodje te eten en weer op te drogen. Ook andere toeristen zijn hier neergestreken.

Toren van Belem

Toren van Belem

De Toren is waarschijnlijk de populairste bezienswaardigheid van Lissabon, en ook eind november zijn er nog tientallen bezoekers. Het is een mooi gebouwtje in dezelfde stijl als het klooster. Heel veel te zien is er binnen niet, ik geloof dat ik er in 1991 ook niet in ben geweest. Nu klim ik tot de tweede verdieping. Vanuit één van de schietgaten heb je zicht op een beeldje van een nijlpaard: dit voor die tijd exotische dier is een herinnerig aan het nijlpaardje dat in 1515 door India aan Portugal werd geschonken, en op een schip werd gezet. In Belem werd hij een paar maand door koning Manuel vastgehouden als curiosum. Het verdronk uiteindelijk bij zijn volgende verscheping, als kado voor Paus Leo X in Rome.

Om één uur heb ik het allemaal wel gezien, en zoek ik toevlucht in mijn droge en warme auto. Er staat me nog een rit van 2 uur te wachten: helemaal naar de grens met Spanje, naar het plaatsje Elvas. Gelukkig is het gemakkelijk rijden, één lange tolweg met nauwelijks verkeer. En de zon verdringt ook nog eens de regen, zodat ik positief uitkijk naar de komende dagen in het Portugese binnenland.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s