Terugblik Peru 2011

Peru was het land waar ik vooraf het meeste naar uit heb gekeken, en het heeft deze hoge verwachtingen meer dan waargemaakt. Er is ongelooflijk veel te zien en te doen, het is ook een heel gevarieerd land. Ik ben er 4 weken geweest maar had me er met gemak nog 2 weken kunnen vermaken. Wellicht een andere keer.

Het land bleek ook veel comfortabeler en meer Europees dan ik had gedacht. Ten noorden van Lima spreekt men eigenlijk alleen maar Spaans, en zijn de mensen wat gereserveerder. Vanaf Nazca en verder naar het zuiden zijn ze heel wat toeristen gewend.

Vervoer

Hét vervoermiddel is de bus. Daar heb ik in een reisverslag al over geschreven. Het combineert zowel het beste (comfort tegen een lage prijs) met het slechtste (ongelukken komen relatief vaak voor). De langeafstandsbussen rijden bijna altijd ’s nachts, en dan zie je pas hoeveel van die bussen op dezelfde trajecten aan het rijden zijn.

Binnen de stad stikt het van de taxi’s. Reisgidsen staan vol met waarschuwingen over welke taxi’s je wel en niet moet gebruiken, maar in de praktijk kun je daar niks mee. Soms hebben officiële taxi’s een klein logo rechts op de voorruit, maar zie dat maar eens te onderscheiden als je in de schemering langs de kant van de weg staat met je hand omhoog. Na wat aarzeling in het begin ben ik gewoon alle soorten taxi’s gaan nemen, nooit problemen gehad, altijd keurig afgeleverd op mijn bestemming voor een paar soles.

Verblijf

Lima is Peru’s hoofdstad. Er zijn niet heel veel bezienswaardigheden, de twee dagen dat ik er was is net mooi genoeg. De stad heeft in de afgelopen jaren wel een goede opknapbeurt gehad. De straten zijn schoon, de gebouwen in het historische centrum staan goed in de verf. Sinds eind 2010 is er ook een uitstekend bussysteem (de Metropolitano) – deze bussen hebben een eigen busbaan en het werkt een beetje zoals een metro. Ik heb ook 2x een taxi genomen (naar het Cruz del Sur busstation) – er zijn hele verhandelingen over welke taxi’s wel en niet veilig zijn, maar op een gegeven moment moet je er gewoon maar eentje aanhouden. Beide keren had ik zeer hoffelijke chauffeurs die me voor 2-3 EUR keurig afleverden.

3B Barranco’s Bed&Breakfast; had ik ik gevonden via Tripadvisor, en het is inderdaad een aanrader. Het is een pension met 12 kamers, nieuw, heel modern ingericht. Bijzonder vriendelijke mensen, spreken ook Engels. Kamer met badkamer, ontbijt, satelliet TV en draadloos internet voor 35 EUR. Ze hebben een enorm stalen hek voor het huis, om naar binnen te mogen moet je aanbellen en dan spieden ze door het gordijn om te zien wie er voor de deur staat. Barranco is desondanks een van de betere wijken van Lima, in de buurt van het pension zijn restaurants, een grote supermarkt, banken en een halte van de Metropolitano.

Trujillo is de grootste stad in het noorden van Peru. Ook al heel oud, in de omgeving liggen veel ruïnes van de Chimu en de Moche. De Spanjaarden kwamen in 1534 en hebben een groot centraal plein achtergelaten met daaromheen kleurige gebouwen met karakteristieke ijzeren rasters voor de ramen. Het centrum is niet zo groot, er zijn een paar aardige restaurants en een autovrije winkelstraat. Verder valt op dat er heel veel casino’s en gokhallen zijn, zelfs een grote bingohal!

Hotel Korianka is degelijk hotel in het centrum van de stad. Pluspunten: paar minuten lopen vanaf Cruz del Sur busterminal, snel en gratis internet, hete douche, satelliet-TV met 101 kanalen zodat ik ook mooi Criminal Minds en CSI kon kijken, en een groot glas vers vruchtensap bij het ontbijt. Verder is het een wat sfeerloos hotel, personeel spreekt alleen Spaans en de kamer was een beetje benauwd. 30 EUR.

Huaraz ligt in de bergen, op 3052 meter hoogte. Het is een populair vertrekpunt voor trekkings, dus ze zijn wel op toeristen ingesteld. Veel goede en gezellige restaurants hier. Het plaatsje zelf stelt niet veel voor.

San Sebastian is een prima hotel. Het doet wat Zwitsers aan allemaal. Ik had een kamer met balkon en uitzicht op de bergen, iedere dag bij zonsopgang een imposant gezicht. Ook een lekker bed, ligbad en prima ontbijt. Enige nadeel van het hotel is dat het op een heuvel ligt zo’n 10 minuten lopen buiten het centrum (op de terugweg na een lange dag nam ik maar steeds een taxi). Kosten overnachting: 35 EUR.

Barranca is een kustplaats zo’n 200 kilometer ten noorden van Lima. Normaal rijd je er alleen langs, maar ik verbleef hier een nacht om het nabijgelegen werelderfgoed Caral-Supe te bezoeken. Barranca is de minst moderne stad die ik tot nu toe in Peru heb gezien. Er zijn wel veel restaurantjes, maar veel meer dan hamburgers, gegrilde kip of Chinees hebben ze niet.

Hotel Chavin is hét hotel van de stad. Ligt aan een drukke winkelstraat in het centrum van de stad, vlakbij het Plaza de Armas. Voor slechts 20 EUR had ik hier een ruime kamer met de gebruikelijke gemakken. Exclusief ontbijt dit keer.

Nazca moet het hebben van al die toeristen die een dagje langskomen om over de Nazcalijnen te vliegen. Het centrum is dus behoorlijk toeristisch. Ook weer prima gegeten hier.

De WalkOn Inn is een typisch hostel. Niet echt het type accommodatie wat ik elke dag op reis zou willen hebben, maar het beviel best goed. Ik had een nette eenpersoonskamer met eigen badkamer, aan de binnenplaats. Het enige waaraan je echt merkt dat het een goedkope optie is, is aan het bed: een dunne matras en een soort planken eronder. Ze regelen dagelijks vluchten voor hun gasten over de Lijnen, en dat was ook de reden dat ik ervoor heb gekozen hier een nachtje te slapen. Ik kwam er om half 10 ’s avonds aan en kon gelijk boeken voor een vlucht de volgende ochtend. Kamerprijs: 25 soles (6,25 EUR), zonder ontbijt.

Arequipa is de tweede stad van Peru, een fijne stad om een beetje bij te komen. Genoeg winkels, restaurants en cafés. Ook volop dingen te bekijken.

Hotel Los Tambos ligt op 1 minuut lopen van het centrale plein, de Plaza de Armas. Heerlijk bed, goed internet. Het beste hier is nog het ontbijt: verse lokale driehoekige broodjes, echt vers sap en een hoofdgerecht te kiezen van de kaart. De quinoa-muesli met fruitsalade en yoghurt zou ik thuis ook wel elke dag willen eten. Verder erg servicegericht in het hotel (een beetje “over the top” zelfs), men spreekt er ook Engels. 55 EUR.

Ollantaytambo is een lieflijk dorp in de Heilige Vallei tussen Cuzco en Machu Picchu. Vanaf hier vertrekken de meeste treinen naar het Inca-heiligdom. Het dorp heeft zelf ook niet te missen Inca-ruïnes. Rond het centrale plein zijn enkele restaurants.

In het nette Hostal La Sauce had ik een kamer met uitzicht op de ruïnes, erg mooi. Lichte kamer ook, met meerdere ramen. Hete douche en goed bed. Wisselvallige internetverbinding. Het fijnste was wel het ontbijtpakket dat ik meekreeg om half 6 ’s ochtends in de trein naar Machu Picchu: met 2 bruine boterhammen, een banaan, pakje sap, mueslireep, chocola en cakeje. Daar kon ik de hele ochtend op teren. Enige rare aan het hotel is het personeel: de bazin weet overal van af, de rest weet niks. Bij het uitchecken rekende de bijna autistische man (haar echtgenoot? vast niet) een verkeerd bedrag. Een telefoontje naar haar bracht snel uitkomst en verder geen problemen. 56 EUR voor een 1-persoonskamer.

Cuzco is het toeristische centrum van Peru, vooral vanwege het nabijgelegen Machu Picchu. Het is een wat stoffige stad, niet erg mooi maar met genoeg faciliteiten om er aangenaam te verblijven. Ik had verwacht dat het hier meer “Indiaans” zou zijn, maar de enige mensen in klederdracht zijn de vrouwtjes met lama die zich voor een klein bedrag op de foto willen laten zetten.

Pensione Alemana was een van de fijnste overnachtingsplaatsen van mijn hele reis. Het is een echt pension, intiem. Ze kennen je snel bij naam zonder dat het geforceerd overkomt (zoals in Arequipa). Het lijkt helemaal door vrouwen te worden gerund, allemaal even aardig en met goed Engels. 35 EUR voor een ruime kamer met warme douche (schijnt een uitzondering te zijn in Cuzco), uitgebreid ontbijt en snel draadloos internet op iedere kamer. Leuke zitjes ook, binnen en buiten, en met gratis thee & koffie overdag.

In het Manu Nationaal Park was ik met een 5-daagse tocht van Pantiacolla Tours, een van de weinige organisaties die in de Beschermde Zone mag. Het wordt door Nederlanders gerund, heel strak, en dat merk je wel. De tour kostte 800 EUR, volledig verzorgd vanaf het ophalen vanaf het hotel in de vroege ochtend tot het weer afleveren na aankomst op het vliegveld van Cuzco. Ik heb in die 5 (het werden er 6) dagen slechts 4,5 sol zelf uitgegeven (1 EUR, voor 2 flesjes cola en een zakje chips).

De drie lodges waar ik heb overnacht (San Pedro, Yuni en Sacha Vaca) zijn alle drie eigendom van Pantiacolla. Andere groepen zie je er dus niet, behalve ons groepje van 10 was er telkens niemand. De lodges bestaan alle drie uit een tiental houten hutten in het bos, plus een restaurant en een toiletcomplex. Ze zijn erg eenvoudig, niet te vergelijken met de natuurlodges die ik in Afrika heb gehad of zelfs in Laos. Er is niet een echt restaurant, onze kok maakte alles zelf klaar op basis van uit Cuzco meegebrachte of onderweg opgesnorde spullen. Dat deed hij trouwens fantastisch – iedere avond een 3-gangen menu met telkens weer andere soep en een ander toetje. Alle basisingrediënten van de lodges zijn prima: goede matras, klamboe zonder gaten, zoveel mogelijk dichte hutten zodat er heel moeilijk beestjes binnen kunnen dringen, nette WC’s en douches.

Eten & drinken

Echt een verrassing, de Peruaanse keuken. Vooraf dacht ik dat het een van de mindere aspecten van het land zou zijn, maar ze combineren de typisch Zuidamerikaanse voorliefde voor veel (gegrild) vlees met allerlei eigen specialiteiten. Ceviche (in limoen gemarineerde rauwe vis) vind je langs de hele kuststrook en is heerlijk, net als de zachte alpaca-biefstuk. Als je het Peruaanse eten even zat bent, zijn er ook nog genoeg Italiaanse en Chinese restaurants. Lekkere belegde broodjes zijn er ook goed verkrijgbaar.

Kosten

De prijs/kwaliteitsverhouding is hier prima in orde. Je eet, met uitzondering van de heel toeristische plekken, meestal voor 5 EUR goed en heel uitgebreid. Voor goede hotels betaal je tussen de 30 en 55 EUR. Het enige waar je qua geld op moet letten is of je wel genoeg klein geld op zak houdt – je krijgt vaak alleen maar briefjes van 100 sol (25 EUR) uit de geldautomaat, en dat is een klein kapitaal dat je eigenlijk alleen in restaurants en hotels klein krijgt.

Gemiddeld dagbudget Peru: 91 EUR (dit is inclusief de Manu-tour, zonder dat zou het ca. 75 EUR zijn geworden)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s