Extremadura

Na El Rocio gaat het weer noordwaarts. Langs Sevilla en parallel aan de grens met Portugal rijd ik via een rustige snelweg naar Mérida. Daar verblijf ik de drie laatste nachten van mijn reis.

Nadat ik me in het hotel heb geïnstalleerd, maak ik het eerste rondje te voet door de stad. Ik kom meteen bij de Romeinse theaters. Mérida was in de Romeinse tijd een belangrijke provinciehoofdstad. Voor 10 EUR koop ik een kaartje dat me de komende dagen toegang geeft voor alle (Romeinse) bezienswaardigheden in Mérida. Het eerste complex dat ik binnenga bestaat uit een amfitheater en een ‘gewoon’ theater. Dat laatste heeft nog spectaculaire marmeren zuilen die het podium vormgeven.

merida
Aan het zelfde plein als de theaters ligt een modern museum over de Romeinen. Hiervoor moet je apart entree betalen (2,40 EUR), maar het is zeer de moeite waard. In dit enorme gebouw zijn verschillende tentoonstellingen over de Romeinse tijd, vooral gelinkt aan deze regio. Zo wordt het verhaal verteld van de Via de la Plata, de belangrijkste handelsweg in West-Spanje.

Ik vervolg mijn wandeling door de stad langs wat kleinere monumenten (zoals de tempel van Diana) die verstopt liggen tussen de moderne gebouwen. Een groot deel van het stadscentrum is geheel of gedeeltelijk autovrij. Wel prettig lopen dus. Ik loop helemaal door totaan de oude Romeinse brug over de rivier. Een mooie stad vind ik het eigentijdse Mérida verder niet, er zijn veel gebouwen in verval en echt gezellige terrassen kan ik ook niet vinden.

Guadalupe
De volgende dag is het weer tijd voor een dagtocht naar een werelderfgoed. Het klooster van Guadalupe staat op het programma. Dit was eeuwenlang het belangrijkste klooster van Spanje, en sterk verbonden met de Ontdekking van Amerika. Veel van de Spaanse conquistadores waren afkomstig uit deze streek. Het klooster is nu nog steeds een belangrijke bedevaartsplaats vanwege het zwarte Madonna-beeldje.

De rit ernaar toe kost me anderhalf uur en is vrij saai. Het dorpje Miajadas (‘de tomatenhoofdstad van Europa’) verdient een eervolle vermelding. Dat is vol met verkeersdrempels en verkeersborden die de maximum snelheid afwisselend op 20 en 40 km stellen. En je moet het hele uitgestrekte dorp door, geen pretje.

Nog wat slingerwegen en opeens sta ik dan met mijn autootje midden op het centrale plein van Guadalupe. Het verhoudingsgewijs enorm lijkende klooster ligt ook aan dat plein, wel een onverwachte plek (meestal liggen kloosters ergens eenzaam op een berg in een afgelegen gebied). Parkeren kan (gratis) gelukkig even verderop.

Je kunt alleen naar binnen met een rondleiding met gids. Dit kost 4 EUR en is een massale gebeurtenis. In een groep van een man of 50 word je door allerlei zalen geloodst. Uitleg is alleen in het Spaans. De sacristie is de mooiste ruimte, helemaal bedekt met muurschilderingen. Het hoogtepunt bewaren ze voor het laatst: een Franciscaner monnik draait aan een paneel en daar verschijnt het zwarte Madonna-beeldje, in een geel gewaad gezeten op een gouden troon.

guadalupe
Het is inmiddels zaterdagochtend, en voordat ik naar mijn laatste werelderfgoed Caceres afreis doe ik nog een rondje Romeinse monumenten in Mérida. Ik loop naar de overblijfselen van graftombes en een villa. De villa is nog redelijk compleet en heeft een aantal aardige mozaïekfragmenten. Er zijn nog veel meer Romeinse monumenten in Mérida (zoals een circus en baden) waar ik niet ben geweest. De staat van de individuele stukken hier is niet heel bijzonder (in Italië zelf zie je veel betere exemplaren) maar het totaal maakt het toch wel een bezoek waard.

Caceres
Caceres is in een uurtje makkelijk per snelweg te bereiken vanuit Mérida. Het is een grote, levendige en sfeervolle stad. Je moet eerst de hele stad door voordat je bij het oude centrum komt. De stad staat bekend om zijn stadsmuren en torens, maar die zie je niet van ver.

Voor 1 eurocent per minuut kan ik centraal parkeren in een parkeergarage. Vandaar is de route naar de oude stad bewegwijzerd. De grote torens trekken natuurlijk onmiddelijk de aandacht. Ik klim op de Torre del Bujaco, de meest prominente toren. Zo kun je mooi over de rest van de buurt uitkijken. Je kijkt ook de vele ooievaars in het gezicht die hier op de torens hun nest hebben gemaakt.

De smalle straatjes zijn rustig. Alle gebouwen zijn in een vergelijkbare stijl, in ieder geval met vergelijkbare stenen gebouwd. Het is mooi, maar ook erg museumachtig omdat hier niet meer wordt geleefd.

caceres
De laatste zondag in Spanje rest alleen nog de lange rit terug van Mérida naar Malaga.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s